Debat over de toekomst van het Stedelijk Zwembad

Op 22 februari was er een debat rond de nakende afbraak van het Stedelijk Zwembad, georganiseerd door het Masereelfonds i.s.m. Dement en Archipel.

We waren eerst wat terughoudend met deelname aan het debat, omdat we geen sterk eenzijdige opinie hadden, en het dus moeilijk was om één bepaald standpunt sterk en passioneel te verdedigen. De ontwikkelingen rond de zwembad site geeft ons een zeer dubbel gevoel. Welk erfgoed is het belangrijkst op de site? We juichen de afbraak van het gebouw zeker niet toe. In de eerste plaats had de stad Oostende het gebouw moet blijven onderhouden en de nodige investeringen doen.

Maar uiteindelijk was een zeer interessant en verhelderend debat waar we veel nieuwe informatie gehoord hebben:

  • De meest ideale plaats voor het zwembad blijft nog steeds de huidige plaats.
  • Voornamelijk de zwemkom en de technische installaties zijn in zeer slechte toestand. En dit door gebrekkig onderhoud en verkeerde beslissingen in het verleden. Zout water ontsmetten met chloor i.p.v. het voorziene ozon was zeer nefast voor het beton. Men opteerde bij het ontwerp voor een toen revolutionaire techniek van ozonzuivering, maar dit werd later gewijzigd.
  • Tussen 2013 en 2015 werd een procedure opgestart met de ambitie het gebouw te renoveren met de waardevolle architectuur als uitgangspunt. Vier architectenbureaus gingen aan de slag en kwamen met een voorstel.
  • Bij de procedure werd als eis gesteld dat het aantal vierkante meter zwemwater moest vermeerderen. Het zwembad is te klein voor de huidige activiteiten.
  • Een oplossing hiervoor was dat er een tweede zwembad moet komen. Een uitbreiding richting de Koninklijke Gaanderijen was onaanvaardbaar voor agentschap Onroerend Erfgoed.
  • De weigering van de renovatievoorstellen door het agentschap Erfgoed is één der belangrijkste redenen dat dus een ander belangrijk erfgoedpand mag afgebroken worden. Andere oplossingen of aanpassingen werden niet meer besproken.
  • De voorstellen waren binnen het vooropgesteld budget. Het zwembad kon dus gerenoveerd worden binnen budget, als men echt wilde (wil). Er moest enkel naar een oplossing voor alle partijen gezocht worden.
  • In 2015 deelde Erfgoed en het kabinet Bourgeois mee dat ze geen bezwaar hadden voor een afbraak van het huidige zwembad. Het schepencollege besliste meteen om de lopende procedure te stoppen.
  • Het Oostendse stedelijk zwembad is een van de zeldzame kwalitatieve voorbeelden van het “brutalisme” in ons land. De zwemhal met de monumentale betonstructuur behoort tot de één der belangrijkste Vlaamse architecturale verwezenlijkingen van de jaren 70. Afbraak zou een onherstelbaar verlies voor het bouwkundig erfgoed betekenen, en dit in een stad die op dat vlak reeds een trieste reputatie heeft.
  • Het brutalisme wordt zeer gewaardeerd binnen internationale architectuur middens. Het gebouw is echter (nog) niet populair bij de bevolking. Vroeger waren de eclectische Belle Epoque stijlen ook niet populair. Het schepencollege beseft nog steeds niet welke erfgoed troeven er in Oostende zijn.
    Een studie naar een herbestemming van het gebouw wordt vandaag geweigerd door Johan Vande Lanotte. Nochtans zijn er diverse mogelijkheden voor het gebouw, al dan niet met private middelen: musea, sportfaciliteiten, evenementenzaal, …
  • De studie naar het kostenplaatje heeft enkel rekening gehouden met ofwel het renoveren van het zwembad, en ofwel de bouw van een nieuw zwembad. Wij begrepen dat de bouw van een nieuw zwembad duurder zal zijn, maar dat de investering ervan gespreid kan worden over diverse jaren dankzij een PPS samenwerking met Farys. De raden van bestuur van Farys zijn voornamelijk van SP.a signatuur. Er werd geen rekening gehouden met de kost voor de afbraak of met de renovatie van het huidig zwembad.
  • De optie (geen verbintenis) van het stadsbestuur is het herstel van het terrein naar de oorspronkelijke staat, een stuk grasveld dus. Er is geen garantie dat er in de toekomst niets anders gebouwd zal worden op deze plaats. Verder is er op papier geen link met het Eau-Tel project (de renovatie van de Thermae en de Koninklijke Stallingen). De vrees bestaat dat dit stukje groen geen lang leven beschoren zal zijn.

Het panel bestond uit Filip Canfyn (vereniging Archipel), Guy Servaes (Dement Oostende), Natacha Waldmann (Groen!), Jeroen Soete (Sp.a) en Marc Casier (Recht door zee). De avond werd gemodereerd door Gui Polspoel.

Personen die interesse hebben in de architectuur van het pand verwijs ik graag naar het zeer boeiende document van Archipel (met petitie voor behoud): www.archipelvzw.be