Het gouden pand
Met de uitreiking van Het Gouden Pand wil Dement renovaties lauweren die met private middelen tot stand werden gebracht. Veel Oostendenaars getroosten zich veel moeite om een pand van de ondergang te redden en het in zijn glorie te herstellen. De positieve impact die dit op lange termijn heeft op het straatbeeld en op de beleving van onze stad wordt vaak onderschat. Kiezen om een pand te renoveren is niet steeds de eenvoudigste weg, en de uitreiking van Het Gouden Pand is onze manier om de eigenaars in de kijker te zetten en te danken voor hun inspanning om Oostende een mooiere stad te houden.
Heel wat Oostendenaars doen veel moeite om een pand te renoveren in onze stad. Een renovatie die door mensen als U en ik en met private middelen tot stand werd gebracht. Ze doen dit om uiteenlopende redenen, maar in de kern gaat het er steeds om dat ze een zekere "charme en ziel" in het pand hebben gezien. Hoewel, kiezen om een pand te renoveren is niet steeds de eenvoudigste weg, zeker niet in Oostende. Door de organisatie van "Het Gouden Pand" danken en loven we deze Oostenaars voor hun actieve bijdrage aan het beeldbepalende karakter van onze Koningen Der Badsteden.
Want hun bijdrage bepaalt mee hoe Oostende er in de toekomst zal uitzien. Hun renovatie kleurt mee de ziel en karakter van onze stad. Hun interventie houdt Oostende leefbaar met een evenwicht tussen erfgoed en nieuwbouw, tussen gezinswoningen en tweedeverblijf appartementen, tussen jong en oud, in het stadscentrum én daarbuiten.
Het is de bedoeling om alle panden die ooit kandidaat waren voor het Gouden Pand ook blijvend in het straatbeeld te houden. Alle kandidaten ooit reiken we een waardemerk uit, vergelijkbaar met bijvoorbeeld het plaket van een beschermd monument. Dit als blijvend bewijs van een prachtig geslaagde renovatie, en als dank voor de inzet om een erfgoedpand te tweede leven te geven.
Welke panden komen in aanmerking?
- Panden die recent gerenoveerd zijn. De werken zijn afgerond, of ten minste “presentabel” voor foto en video opnames. Het merendeel van de werken is niet langer dan 5 jaar geleden voltooid.
- De werken werden uitgevoerd met private middelen.
- Het gebouw is ouder dan 35 jaar. Het kan zowel om woningen, appartementen als handelspanden gaan, zolang het pand eigendom is van een private persoon.
- Belangrijk is dat het pand “erfgoedwaarde” heeft. Vermelding op de lijst van de Vlaamse Inventaris voor Onroerend Erfgoed (VIOE) is daarbij een goede indicatie maar geen verplichting.
- De grootte van het pand speelt op zich geen rol. De renovaties zullen beoordeeld worden op hun waarde en niet op het budget dat werd besteed.
Welke panden komen niet in aanmerking?
- Alle panden die reeds erkend zijn als beschermd monument, ook de appartementen die in een dergelijk pand gelezen zijn. We menen dat de waarde van deze gebouwen voldoende bewezen is, en dat zij niet nog een bijkomende erkenning als “Gouden Pand” vereisen. Bovendien willen we de panden in de kijker stellen die werden gerestaureerd met eigen financiële middelen, zonder aanspraak te kunnen maken op restauratiepremies door de Vlaamse Overheid.
Een vakjury wordt gevraagd om bij hun selectie rekening te houden met de volgende criteria, gerangschikt in orde van belangrijkheid:
- Meerwaarde voor de buurt (40 %)
De mate waarin de renovatie van het pand betekenis heeft in de omgeving. Is door de renovatie een “stadskanker” vermeden? Heeft de verbouwing bijgedragen tot een aangename sfeer in de straat of wijk? Zal het werk anderen misschien inspireren om het voorbeeld te volgen en ook te gaan renoveren? - Originaliteit en karakter (30 %)
Op welke manier werd de renovatie benaderd? Was het originele karakter van het pand nog aanwezig, en is dit door de renovatie opgewaardeerd? Op welke manier gaan oude en nieuwe elementen samen? Betekende de renovatie een meerwaarde voor het gebouw, is het m.a.w. in ere hersteld? In welke mate heeft de eigenaar zijn eigen stempel gedrukt op de renovatie? - Volledigheid van de werken (15 %)
Hoe omvangrijk is de renovatie? Hiermee wordt niet bedoeld “welk budget?”, maar wel in welke mate de elementen die vragen om renovatie werden aangepakt. Werden noodzakelijke werken aan binnen- én buitenzijde uitgevoerd? Voorgevel, achtergevel? Werden belangrijke zaken (vochtproblemen oplossen, elementen in verval restaureren of vernieuwen) aangepakt? - Technische verbetering (15 %)
De werken hebben een positieve bijdrage geleverd aan het “comfort” voor de gebruikers. Er werden ingrepen gedaan om het gebouw in overeenstemming te brengen met de hedendaagse wooneisen. In de eerste plaats gaat het dan natuurlijk om verbeteringen op vlak van energieprestatie: dak isoleren, ketel ver nieuwen, dubbele beglazing plaatsen (al dan niet in vernieuwd schrijnwerk), ... . Maar ook de kwaliteit van de werken is een criterium. Werd er gewerkt met bekwame aannemers? Is de veiligheid (vb. elektrische installatie) verbeterd? Is er gekozen voor waardevolle en duurzame materialen? Met andere woorden in welke mate kan het gebouw concurreren met een nieuwbouw?
Een onafhankelijke vakjury beoordeelt op de uitreiking de diverse kandidaten en reikt de prijs ‘Het Gouden Pand’ uit. De eerste editie ging door onder voorzitterschap van professor en mediafiguur Rik Torfs. Bij de tweede editie leidde schrijver Eric De Kuyper de jury en bij de derde editie stond de jury onder het voorzitterschap van animatiecineast Raoul Servais. Voor de vierde editie heeft Minister Geert Bourgeois, Vlaams Minister bevoegd voor o.a. Onroerend Erfgoed en Toerisme, het voorzitterschap waargenomen.

