Project ‘Oostende omhelsd’ geslaagd

Erfhoeders leveren met “De Torretjes van Oostende” het eerste toeristisch product af

Op 3 oktober jl. organiseerde vzw Dement Oostende, samen met de projectpartners VormingPlus, vzw Toerisme Oostende en Cultuurdienst Oostende, het slotmoment van het project ‘Oostende Omhelsd’.
Erfhoeders leveren met “De Torretjes van Oostende” het eerste toeristisch product af
Doel van het project ‘Oostende omhelsd’ was geïnteresseerde Oostendenaars en tweedeverblijvers op te leiden tot ‘erfhoeders’. Dit is een nieuw concept waarbij de deelnemers erfgoedthema’s leren uitwerken tot boeiende verhalen. Deze verhalen kunnen op hun beurt door Toerisme Oostende, de Dienst Cultuur of Westtoer gebruikt worden voor nieuwe toeristische of culturele producten.
Er werden 16 diploma’s uitgereikt aan de deelnemers die een eindwerk over een Oostends erfgoedthema hebben ingediend. Zij mogen zich voortaan ‘erfhoeder’ noemen. Zes deelnemers die het vormingstraject van erfhoeder gevolgd hebben zonder een eindwerk in te dienen, ontvingen een getuigschrift.

Eén van de eindwerken: “De Torretjes van Oostende”

Dit eindwerk kan met een paar kleine aanpassingen onmiddellijk als toeristisch product ingezet worden.
In de ‘Torretjes van Oostende’ vergelijken Jean-Pierre Ragaert en Natacha Gyssels het huidige panorama van Oostende, gezien vanaf de Oosteroever, met dit van 100 jaar geleden. Zij doen dit door het verhaal te vertellen van de torens die het uitzicht domineren. Van elke toren geven ze eerst een korte algemene beschrijving, gevolgd door een historische en bouwkundige uitdieping. Door het verhaal heen worden politieke, economische en sociale veranderingen van Oostende gedurende de laatste eeuw aangehaald. Het verhaal heeft extra levendigheid door illustraties uit het verleden, mooi huidig fotomateriaal, schetsen, krantenknipsels, weetjes en toeristische tips. Dit alles is samengevat in een kleurrijke folder, die als leidraad kan dienen voor een toeristische verkenning van de ‘Torretjes’ en Oostende.
Tijdens het slotmoment kondigde de vzw Toerisme Oostende aan dat zij “De Torretjes van Oostende” binnen korte termijn zal uitbrengen in een brochure, mogelijks zelfs in 4 talen.
Het project ‘Oostende omhelsd’ is dan ook zonder meer geslaagd en bevestigt nogmaals onze boodschap : Erfgoed is een onmisbare troef voor de toeristische aantrekkingskracht van de Stad aan Zee!
Klik hier voor de grote versie

De andere eindwerken

Angilis Dirk: HMS Vindictive Memorial Run – ‘to commemorate, not to compete’ – 10 mei 2014

Als basis van dit eindwerk combineerde Dirk Angilis twee van zijn interesses: jogging en de geschiedenis van de HMS Vindictive, die in 1917 als blokschip in de haven van Oostende werd afgezonken. Om een moderne invulling aan de klassieke herdenkingen rond deze gebeurtenis te geven, ontwikkelde Dirk Angilis een loopwedstrijd tussen Oostende en Zeebrugge, waar de Engelsen in 1917 een gelijkaardige militaire actie als in Oostende ondernamen.

Braem Annemie en De Venter Roos: Bouwen en wonen tijdens het interbellum in Oostende

De aandacht voor de interbellumarchitectuuur in Oostende beperkt zich meestal tot de grotere gebouwen zoals het Thermenhotel. Er wordt weinig aandacht besteed aan privé-woningbouw in de uitbreidingswijken. De stad Oostende maakt sinds kort samen met het Economisch Huis promotie voor de Belle Epoquewijk. De omschrijving van de wijk stemt niet overeen met de historische ontwikkeling van de wijken. De uitbreiding in westelijke richting is het thema van het eindwerk. De huizen zijn hoofdzakelijk in de interbellumperiode gebouwd en de burgerhuizen getuigen van de architectuurstroming van die tijd: Art Deco getinte gevels en her en der een modernistische inslag. Enkele grote bouwmeesters hebben huizen ontworpen in dit deel van de stad. Oostende heeft een homogene interbellumwijk en wij hopen met dit werk de aandacht hierop te vestigen. Dit biedt zowel perspectieven voor het toerisme als voor het behoud van het erfgoed.

Herregat Stefanie: Slapend erfgoed

Stefanie Herregat ging voor haar eindwerk op zoek naar beschermde gebouwen waarin overnachtingen aangeboden worden. Dat bleken er heel wat te zijn. Bij verder onderzoek naar de panden kwam echter weinig relevants aan het licht. Stefanie Herregat beperkte zich daarom tot de bed&breakfast La Passion Interdite en hotel Polaris, met een zoektocht naar de architecten en de geschiedenis van beide gebouwen.

Hollevoet Paul: In Memoriam Petit Paris

De teloorgang van de Waterhoek? Neen, wel deze van Petit Paris , waar vroeger de ‘Oostendenaere’ flaneerde langs de ‘Boulevard de Midi’ om zijn ‘gaernaesen’ te kopen bij de familie Pels, zijn ‘babelutten, nunnebillen en lekstokken’ bij de ‘spekkebakker Vansevenant en een ‘export’ of ‘pils’ ging pakken in de Bierco . L’ Espérance de Midi, Auberge de Petit Paris en Dikke Louis zijn niet meer. Nostalgie troef. Daarom dit kleine eerbetoon aan de tijd van toen, zowel voor de toerist(e), de ‘aangespoelde’ als voor de Oostendenaar.

Invernizzi Maxim: Van fort tot voetbal: Het Albertusfort en het Prins Albertpark als getuigen van de geschiedenis van Mariakerke

In dit eindwerk worden twee monumenten die ooit in de wijk Mariakerke stonden onder de loep genomen. Met deze twee monumenten zal worden geprobeerd om aan te tonen dat Mariakerke een rol speelde in de geschiedenis van Oostende. Beide worden ook in hun specifieke historische periode besproken.
Het eerste monument is het Sint-Albertusfort. Zijn geschiedenis, van bouw tot afbraak, ligging en gebruik worden uit de doeken gedaan. In dit deel komt ook de achtergrond van het fort aan bod met de Tachtigjarige oorlog en het beleg van Oostende. Het tweede monument is het Prins Albertpark. Ook hier wordt kort ingegaan op de periode van Leopold II. Daarna volgt een geschiedenis van het park tot 1972, het jaar waarin het Media Center zijn opwachting maakt en het park compleet verdwijnt.

Lowyck Jeffrey en Maes Katrien: Oostende danst, zingt en drinkt

Een impressie van het uitgaansleven van de vissers, ambachtslieden en kleine burgerij van 1880 tot aan de jaren zestig. Voor de Groote Oorlog kenden de danszalen met hun prachtige orgels een ware bloeiperiode. Vooral het Hazegras was een welvarend uitgangskwartier. Er werd niet alleen gedanst, maar ook duchtig gezongen. Tijdens het interbellum floreerden de café chantants met wisselend succes en langzaam verdwenen zij ook uit het straatbeeld. De jukebox bracht in vele cafés nieuw leven in de brouwerij en veel visserscafés werden druk bezocht door de jeugd. Voor de jongeren kan dit werk een kennismaking zijn met wat ooit was en voor de ouderen onder ons zijn het misschien ‘sweet memories’ van cafés waar ze vroeger gedanst, gezongen en gedronken hebben.

Pennynck Stefaan: Daniël, mijn vriend. Voorstelling en analyse van een kortverhaal van Gaston Duribreux als literair document van de bezetting in Mariakerke tijdens WOI.

In 1914 was de schrijver-hotelier Gaston Duribreux 11 jaar oud. Zijn puberteit beleefde hij als kind in Mariakerke, in een beperkte, maar uitdagende omgeving. De frontlinie van de Westhoek was niet ver af, de zee was door de Duitse stellingen op de dijk en in de duinen afgesloten en in hun dagelijkse leven werden de achtergebleven vrouwen en kinderen geconfronteerd met de ingekwartierde Duitse soldaten.
In 1958 verscheen in het literair tijdschrift Dietsche Warande & Belfort het verhaal ‘Daniël, mijn vriend’. Het vertelt een ervaring van de auteur als puber tijdens de bezetting. In het kader van de herdenkingsactiviteiten voor WOI in Oostende vond Stefaan Pennynck het passend om dit verhaal en zijn auteur in de kijker te zetten.
Wat heeft het verhaal van Gaston Duribreux met erfgoed te maken? Het literaire erfgoed is bekende bron voor immaterieel erfgoed, maar kan ook een bron zijn voor het onroerend erfgoed. Via deze publicatie kan het geïnteresseerde publiek opnieuw (of verder ) kennis maken met een ‘erfhoeder’ avant-la-lettre. Gaston Duribreux is een vandaag bijna vergeten, maar destijds gewaardeerd auteur, die in zijn boeken treffend de zee en de leefwereld van de visser, de stad Oostende en Mariakerke, WOI en WOII beschreven heeft.

Schelstraete Erna: ‘Het Bosje’, ‘Bois de Boulogne’, ‘Bois des Amoureux’? Maria-Hendrikapark Oostende – Hoe het begon, hoe het vroeger was, hoe het nu is en hoe het kan worden (1876-2013)

In vier hoofdstukken onderzocht Erna Schelstraete het verleden en heden van ons grootste stadspark, en ze probeerde vooruit te kijken naar de toekomst ervan. Het ontstaan en de geschiedenis van deze groene long was voor Erna Schelstraete als recent ‘aangespoelde’ een interessante ontdekkingsreis (hoofdstuk 1). Daarnaast wilde ze onderzoeken welke functies het Bosje had en heeft, en hoe mensen vroeger en nu dit park ervaren, waarvoor ze er allemaal terecht konden of kunnen, wat ze ervan denken en hoe dat geëvolueerd is. Daarvoor zocht ze zowel geschreven bronnenmateriaal als getuigen (hoofdstukken 2 en 3). Tenslotte wilde Erna Schelstraete ook nagaan of (en hoe) het Bosje een rol speelde of speelt in de literatuur en in de beeldende kunst (hoofdstuk 4).

Storme Annie: Les Ostendaises: de oesterkweek in Oostende vroeger en nu

Annie Storme ging op zoek naar de geschiedenis van de oesterkweek in Oostende. Ze ontdekte dat over dit onderwerp al veel bekend is, maar ze kon ook een interview afnemen met Antoine Vandierendonck, de voormalige uitbater van De Oesterput in de Langestraat.

Van Eycken Jocelyn: Schets van de geschiedenis van de gebouwen: Sint-Sebastiaanstraat 41, Sint-Sebastiaanstraat 16, 16a, 18 en Wittenonnenstraat 37

In dit eindwerk wordt de historiek van een aantal gebouwen in het stadscentrum besproken : de Louisa-Mariaschool in de Wittenonnenstraat, de St-Jozefsschool in de St-Sebastiaansstraat en de vroegere kapel in de St-Sebastiaansstraat waaraan ook de school van de Cirkel paalde. De geschiedenis van die panden is met elkaar verbonden. De Zusters van de H. Jozef startten er in 1838, in afspraak met de stad Oostende, de gratis Armenschool en enkele jaren later ook een betalende meisjesschool in de St-Sebastiaansstraat. De Armenschool moesten ze tijdens de eerste schooloorlog verlaten waarna een stedelijke meisjesschool, de latere Louisa-Mariaschool, werd opgericht. De zusters vonden onderdak in een gedeelte van de gebouwen van de Cercle Catholique in de St-Sebastiaansstraat. Enkele jaren voordien hadden priesters het voormalige burgerlijk hospitaal (gronden tusssen Weststraat en St-Sebastiaansstraat) opgekocht en aan de Cercle verhuurd. De kapel had toen een ingang via de Weststraat (de huidige Adolf Buylstraat), maar was ook via de school toegankelijk. Dit werk behandelt ook de latere geschiedenis van deze panden.

Van Hecke Lut: Lucien Nootaert (1891-1953) – frontsoldaat

Op het bidprentje van Lucien Nootaert (1891-1953), een Oostendse frontsoldaat uit WO1 staat te lezen: “Zijn geheel leven lang heeft hij dag en nacht gewerkt om welstand in zijn huisgezin te brengen. Niettegenstaande de kwaal, opgedaan in de loopgrachten, gedurende 1914-1918, langzamerhand zijn krachten ondermijnde, verrichtte hij zijn arbeid met de glimlach op de lippen”.
Dankzij het militiedossier, teruggevonden foto’s bij een kleinzoon en zijn grafsteen op het ereperk op de begraafplaats Stuiverstraat, heeft Lut Van Hecke een stukje geschiedenis van een schoenmaker in het 6de regiment Genie kunnen herschrijven. Het was een boeiende en moeilijke zoektocht naar zijn persoonlijke oorlogsverleden.

Vandenbussche Annie : Markante Oostendse Vrouwen

Oostendse vrouwen zijn nooit gedweeë doetjes geweest. Voor haar eindwerk maakte Annie Vandenbussche een portret van tien Oostendse vrouwen. Hierbij ging ze uit van twee voorwaarden. Enerzijds moesten ze in Oostende geboren zijn en anderzijds moesten ze op hun domein (inter)nationale bekendheid verworven hebben of een uitzonderlijke prestatie geleverd hebben. De vrouwen die op die manier in de schijnwerpers geplaatst worden zijn Gella (Angela) Allaert (actrice), Euphrosine Beernaert (schilderes), Fernanda Caroen (olympisch zwemster), Clémentia De Bruyne (ma gebroeders Degrave), Christel Kessels (pianiste), Elly Overzier (actrice), An Salens (mode-ontwerpster), Liliane Saudemont (kapitein), France Springuel (celliste) en Berthe Tratsaert (politica).

Project 'Oostende omhelsd' geslaagd

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *