Torhoutsesteenweg 78

Petit Paris (1893)

Petit Paris gesloopt – april 2012

Een jaar terug kwam het al ter sprake in onze mailing. Het beeldbepalend café ‘Petit Paris’ aan het gelijknamig kruispunt werd bedreigd met sloop. Ondertussen werd dit hoekpand met de grond gelijk gemaakt. De sloop blijft de mensen beroeren, en we worden er regelmatig over aangesproken.

Petit Paris gesloopt“Waarde voorvechters van het behoud van het Oostends bouwkundig erfgoed. Ofschoon al lang niet meer verblijvend in Oostende (destijds uitgeweken wegens onbetaalbare fatsoenlijke woongelegenheid voor een jong gezin) blijf ik toch bekommerd om het behoud van het Oostends bouwkundig erfgoed. Geboren en getogen in de wijk Petit Paris was ik dan ook ontzet en geschokt toen ik toevallig in het voorbijrijden merkte dat men deze (dacht ik) blijvende jeugdherinnering plots aan het slopen was! Dit kan voor sommigen misschien sentimenteel klinken, doch naarmate men ouder wordt, heeft men in toenemende mate behoefte – in deze tijd van onzekerheden – aan dan toch ten minste enige zekerheid omtrent onze eigen herkomst en “roots”, en meer bepaald en concreet wat betreft het behoud van de laatste sporen en overblijfselen van weleer, zoals wij die nu nog kunnen waarnemen in het stadsbeeld. Is dat soms te veel gevraagd??

Doch sedert het rampzalig Piers-tijdperk wordt Oostende bestendig (letterlijk en figuurlijk) aangevreten door een zekere drang naar cultuurhistorische zelfvernietiging. Nog meer geschokt was ik toen ik in “TIPS” van 8 december 2011 (p. 16) een opvallende advertentie opmerkte voor verkoop van appartementen in “Residentie Petit Paris” (met 1 of 2 slaapkamers, ruime terrassen, prachtig dakappartement, unieke gevel (sic)”, met daarbij alvast een kleurige afbeelding van deze “nieuwbouw” … en dit allemaal terwijl de gevel van het bestaande gebouw nog overeind stond! De stille hoop dat misschien dan toch ten minste de historische gevel zou bewaard blijven, was daarmee letterlijk de bodem ingeslagen. Ik heb me dan ook naar Oostende gerept om er nog vlug een paar foto’s te maken van het restant van deze aloude herberg en afspanning van destijds, waarnaar een hele wijk genoemd is.

Toen de Duitsers in oktober 1914 Oostende binnentrokken en zij op die gevel de vermelding “Petit Paris” opmerkten, riepen zij in stomme verbazing “Gucke mal, wir sind schon in Paris !!”. Doch een markant gebouw dat ongedeerd twee wereldoorlogen heeft overleefd, vindt nu een zielig en roemloos einde onder de slopershamer…

Bij het lezen van “The End. Hitler’s Germany, 1944-45” van de befaamde Britse historicus Ian Kershaw (over de Duitse zelfvernietigingsdrang tijdens de laatste oorlogsmaanden) viel mij op dat, in een radio-uitzending vanuit de door de Russen omsingelde historische cultuurstad Breslau op 5 maart 1945, Gauleiter Hanke onomwonden verklaarde dat wat ooit gezien was als een “essentieel cultuurbezit” (unerlässliche Kulturgüter ) nu “bij nadere beschouwing” gezien kon worden als “volstrekt niet noodzakelijk beschavingsbezit” (durchaus entbehrliches Zivilisationsgut). Deze vergelijking is misschien wel ietwat ver gezocht, maar het geeft mij toch wel ergens een idee van een wegglijdend normenbesef ten aanzien van “essentieel cultuurbezit”, meer bepaald in casu bij debeleidsverantwoordelijken die “bij nadere beschouwing” aan dit historisch pand een “lage locuswaarde” hebben toegekend!
(blijkbaar een eufemisme voor “we gaon ’t hier al aan stukken sloan!”)

Overigens – spijts een opmerkelijke verfraaiing van het stadsbeeld (trouwens volstrekt noodzakelijk na jarenlange verwaarlozing!) – heb ik de indruk dat dit allemaal kadert in een algemene, fundamentele, bestendige en niet aflatende stadsverloedering, destijds reeds ingezet kort na de Tweede Wereldoorlog (wat de Duitsers niet hebben “kaputt gemacht oder zerstört”, dat hebben nadien de ijverige bouwpromotoren vernietigd – cfr. “Quod non barbari delebant Barberini”). Die verloedering is tot uiting gekomen via verschillende domeinen :

  • sociaal-economisch : (in schril contrast met Brugge) door het falend en/of laattijdig beleid inzake haveninfrastructuur, economische expansie, investeringen, aanmoediging van het bedrijfsleven, behoud van overheidsbedrijven en van de zeevisserij, stimuleren van tewerkstelling
  • sociologisch en demografisch : stadsvlucht door jonge gezinnen (wegens ontoereikende kindvriendelijke sociale woningbouw), daarentegen een invasie van gepensioneerden (met alle gevolgen van dien qua verstoorde samenstelling van de bevolking), voorts nog een totaal andere invasie van (vooral door het OCMW en door sommige advocaten “gepamperde”) asielzoekers, migranten, “economische” vluchtelingen en illegalen, aangevuld door inwijking en snelle “inburgering” van “aangespoelde” marginalen, werkschuw volkje en sociaal profitariaat, op hun beurt “gepamperd” door OCMW en VDAB (wat uiteraard niet wegneemt dat een echt en geloofwaardig asiel-, inburgerings- en tewerkstellingsbeleid – op grond van objectieve en rechtmatige maatstaven – zeker onontbeerlijk is)
  • cultuurhistorisch : een lange traditie van officiële onverschilligheid tegenover al wat ook maar enige cultuurhistorische waarde heeft, wellicht omdat dit kennelijk niet electoraal kan “verzilverd” worden; het recent drama met de “Paster Pype” toont overigens aan dat de zelfbenoemde “Stad aan zee” niet eens oog heeft voor het eigen maritiem verleden!

De toenemende en steeds driester wordende onveiligheid is duidelijk slechts een gevolg van die algemene stadsverloedering (voorzeker niet op te lossen met “meer blauw op straat”!). Er wordt niet alleen ’s nachts ingebroken terwijl de bewoners thuis zijn, maar er wordt nu ook ingebroken tijdens de dag terwijl men ook maar eventjes weg is. Dat probleem zal de meeste Oostendenaars wellicht meer aanspreken dan de problematiek van het behoud van het erfgoed (nu vooral ook na het ontstellend drama in Luik op 13 december ll.), maar we moeten allen ons ervan goed bewust zijn dat al die aspecten van verloedering eigenlijk onderdeel zijn van een ruimer geheel. Een stad (aan zee of niet aan zee) heeft er immers alle belang bij om zichzelf in alle opzichten te respecteren, zoniet …. Voor het overige wens ik DEMENT alle succes toe, ook al is de toestand doorgaans niet erg hoopgevend …” (naam en adres gekend bij de redactie) “Misschien zou het maandblad De Plate een “In memoriam” kunnen wijden aan “Petit Paris”, bv. onder de titel “Petit Paris : kroniek van een aangekondigde sloop?”, waarbij duidelijk de onderliggende filosofie omtrent het erfgoedbeleid zou kunnen toegelicht worden, want er wordt hierover blijkbaar nogal wat prietpraat verteld! Mij stoort vooral de klassieke denkfout tussen oorzaak en gevolg, dit ingevolge de gefaseerde “self fulfilling prophecy” via leegstand / verwaarlozing / verkrotting / “lage locuswaarde”/ sloopvergunning / nieuwbouw “residentie” / nieuwe aanwinst voor Oostende!! Eerst ontaarding tot een “rattenkot” …en daarna “opgeruimd staat netjes!”. Met een dergelijke mentaliteit is men ertoe in staat ook andere Oostendse iconen te slopen, zoals (ik zeg maar iets) café ’t Kroegske op het Pauluspleintje.” (naam en adres gekend bij de redactie)

Beeldbepalend Petit Paris wordt gesloopt – november 2011

Donderdag 24 november werd gestart met de sloop van het café ‘Petit Paris’ aan het gelijknamig kruispunt. Dit kruispunt dankt zijn naam aan het feit dat er op de kruising van de steenwegen naar Torhout en Nieuwpoort een afspanning lag met de naam “Auberge du Petit Paris”. De herberg was in vroegere tijden het begin- en eindpunt van de diligence naar Parijs. Het huidige “Petit Paris” pand is een eclectisch hoekpand uit 1893. Bij vele Oostendenaars is het gebouw ook gekend als het restaurant van Dikke Louis, waar je in de jaren 1960-1980 nog frietjes kon kopen aan het venster. Sinds de dood van Dikke Louis staat het gebouw leeg. Het gebouw werd opgenomen in de inventaris van het VIOE (nr. 56867) en heeft slechts een lage locuswaarde gekregen van de erfgoedcommissie, wat geen belemmering voor sloop is.

Beeldbepalend Petit Paris wordt geslooptBeeldbepalend Petit Paris wordt gesloopt

Sloopaanvraag voor beeldbepalend ‘Petit Paris’ – september 2011

Voor het café ‘Petit Paris’ aan het gelijknamig kruispunt werd een sloopaanvraag ingediend. Het openbaar onderzoek liep tot midden september. Dit kruispunt dankt zijn naam aan het feit dat er op de kruising van de steenwegen naar Torhout en Nieuwpoort een afspanning lag met de naam “Auberge du Petit Paris”. De herberg was in vroegere tijden het begin- en eindpunt van de diligence naar Parijs. Het huidige “Petit Paris” pand is een eclectisch hoekpand uit 1893. Bij vele Oostendenaars is het gebouw ook gekend als het restaurant van Dikke Louis, waar je in de jaren 1960-1980 nog frietjes kon kopen aan het venster. Sinds de dood van Dikke Louis staat het gebouw leeg. Het gebouw werd opgenomen in de inventaris van het VIOE (nr. 56867) en heeft een lage locuswaarde gekregen van de erfgoedcommissie, wat betekent dat sloop kan toegestaan worden door de commissie.

Sloopaanvraag voor beeldbepalend 'Petit Paris'

Leegstand in het Belle Epoque hoekpand “Petit Paris” – november 2007

Het typisch hoekpand van 1893 op de hoek van de Torhoutsesteenweg en de Alfons Pieterslaan staat er leeg en verwaarloosd bij nadat de horeca-zaak gesloten werd. Volgens sommige geruchten zou het afgebroken worden.  Het pand is een uniek beeldbepalend gebouw, genoemd naar het kruispunt Petit Paris (of was het omgekeerd ?) en werd opgenomen in de VIOE-lijst onder nr. ID 56867.



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *